Filmscreening
27 april 2013
in het kader van My Friend. My Enemy. My Society.
i.s.m. Prince Claus Fund
door Vincent van Velsen
Wat doe je als de recente geschiedenis de hele samenleving van vandaag in haar greep houdt? Je creëert een plek voor mensen om samen te komen en gebruikt een manier van communicatie waarbij problemen en hun nasleep niet uitgesproken dienen te worden, maar er wel weer contact is tussen de voorheen strijdende partijen. Dit is de essentie van de film Sweet Dreams van Rob en Lisa Fruchtman waarin het verhaal van de ijswinkel Inzozi Nziza en het drumensemble Ingoma Nshya wordt verteld. De oprichter en initiator van beiden is Odile “Kiki” Katese, zij was aanwezig bij de vertoning van deze film tijdens een avond (27 april 2013) die eindigde in een gesprek tussen het publiek en deze drijvende kracht achter de ijswinkel en het ensemble.
De nasleep van de genocide van 1994 in Rwanda is nog steeds aanwezig in het dagelijks leven van haar inwoners. Iedereen heeft er iets mee te maken gehad: de wezen, de weduwes, de daders en zij die zich zoveel mogelijk afzijdig hielden. Verder gaan zonder dat het boetekleed expliciet aangetrokken dient te worden lijkt de manier om verzoening te bewerkstelligen. Maar iedereen draagt uiteindelijk toch iets van de geschiedenis met zich mee, in een land waar geen geschiedenisles wordt gegeven om niemand negatief te bejegenen.
Een manier om verder te gaan en mensen bij elkaar te brengen werd gecreëerd door Kiki Katese. Zij begon een drumband bestaande uit vrouwen. Deze Rwandese traditie leek in de vergetelheid te raken, maar zij wist deze met haar Ingoma Nshya, te vertalen als ‘nieuw regime’ én ‘nieuwe drum’ weer nieuw leven in te blazen – en de leden hoop voor de toekomst te geven. De drum is traditioneel voorbehouden aan mannen en daarmee nauw verbonden met specifieke rituelen die onder anderen troonswisselingen aankondigen. In een samenleving die merendeels uit vrouwen bestaat – de genocide heeft grote aantallen mannen weggenomen – werd er al steeds meer ‘mannenwerk’ door vrouwen gedaan, simpelweg omdat het niet anders kon. In deze context was het ook voor Ingoma Nshya mogelijk een voet aan traditionele grond te krijgen – zelfs met steun en zegen van president Kagame.
In het verlengde van de drumband ligt een ijswinkel in Kigali die de film ook zijn titel verschaft: Inzozi Nziza (‘zoete dromen’). In Rwanda was ijs slechts bekend uit films, maar nog niet fysiek aanwezig. Kiki besloot om in samenwerking met de in Brooklyn, New York gevestigde ijssalon Blue Marble haar vrouwen een plek te geven waar zij en anderen konden samenkomen Het hele proces van opzetten moest ook als inspiratie dienen; voor deze en andere vrouwen hoe het is om samen iets op te bouwen. De documentaire toont het het proces met ups en downs dat uiteindelijk in een succes uitmondt, met de ijswinkel als metafoor voor de samenleving.
De ups en downs zijn een gevolg van de Hollywood-achtige ingrepen van Rob en Lisa Fruchtman die de documentaire van een aantal onnodige spanningsboogjes hebben voorzien: de biografische achtergronden van de verschillende leden van het drumensemble behoeven niet met extra drama aangezet te worden. Dit zijn de enige minpuntjes binnen een indrukwekkend verhaal over de geschiedenis, de nasleep van genocide en de hoop voor de toekomst van Rwanda.
Tijdens het aansluitende gesprek onder leiding van Onno Warns (programmamaker van het Humanity House Den Haag) lichtte Kiki haar volgende project The Book of Life toe. Kiki gaf aan dat ze nu eens niet op de strijd tegen HIV, of op de strijd tegen gewapende conflicten wilde focussen, maar op een een strijd vóór iets; zijnde vreugde, samenzijn en de toekomst. The Book of Life gaat uit van dit principe: niet vertellen dat iemand dood is, maar vertellen hoe iemand leefde en hoe het is om nu te leven; in de vorm van een brief naar een overledene. Iedereen kan hier aan deelnemen, zodat de geschiedenis van het land vastgelegd zal worden – wat tegelijk als therapie en biecht zal dienen. Het verhaal van Rwanda zal dan niet meer van buitenaf worden ingebracht en geprojecteerd, maar zal door de Rwandezen zelf worden gemaakt én worden opgeschreven. Dit kan alleen samen. In de woorden van president Kagame: People who do not stay together, do not stay peaceful.












In samenwerking met de Universiteit van Amsterdam heeft stichting Castrum Peregrini in het kader van haar manifestatie
2012 was an exciting year at Castrum Peregrini. 4 years after the opening of our new project space, following a quite radical reorganization, we feel on the right track towards what we want to be: an intellectual playground. We believe in the necessity to constantly create awareness about and rethink the fundamental relationship between one’s personal life experience and the burning urgencies of our time as a precondition for a healthy democracy and an inclusive society. To that end we reach back to the roots of our foundation: during WWII, the Castrum Peregrini hiding group experienced that real freedom only can be reached in trust and with the help of culture. Castrum Peregrini uses this heritage and a broad pallet of cultural and artistic expressions to highlight the various aspects of broad themes such as freedom, friendship and culture.
‘de elite, dat zijn in Nederland altijd de anderen, per definitie, zowel in de negatieve als in de piositieve opvatting van het begrip’– Maarten Doorman

How can you hide for years without losing your mind? With friends and with art!
Erik Somers


Guy Stern wurde als Günther Stern am 14. Januar 1922 in Hildesheim geboren Als fünfzehnjähriger Schüler gelangte er mit Hilfe verschiedener Personen und der German Jewish Childrens’Aid Society in die USA. Alle Versuche, seine Eltern und seine beiden Geschwister in die Emigration nachzuholen, schlugen fehl; die Familie kam im Holocaust um. Während des Krieges diente Guy Stern seinem neuen Heimatland im Kampf gegen die NaziGewaltherrschaft. Nach einem Romanistik-Studium wandte er sich der Germanistik zu und promovierte 1953 an der Columbia University in New York. Als Lehrer an verschiedenen amerikanischen Universitäten, zuletzt, bis zu seiner Emeritierung, an der Wayne State University, Detroit/Ml; als Gastprofessor an einer Reihe von deutschen Universitäten; als Forscher zur deutschen Literatur des 18., des 19. und des 20. Jahrhunderts, und hier besonders zur Literatur des Exils; als Autor und Herausgeber von zahlreichen Büchern, darunter auch Wörter- und Grammatikbüchern, sowie als Redner vermittelt er Deutsche Literatur- und Kultur-Geschichte in seiner neuen und in seiner alten Heimat. Guy Stern ist einer der Initiatoren und Mitgründer der ,Society for Exile Studies, Inc.”, der „Mutter”der Gesellschaft für Exilforschung e.V, und Vizepräsident der sich jetzt „North American Society for Exile Studies” nennenden Organisation.


”
Patrick Amtsberg, Gisèle’s buurman en een van haar vele bewonderaars, heeft uitgerekend wat 100 jaar betekent in de tijdseenheden waarmee we doorgaans ons dagelijks leven indelen:
Voor degenen die enigszins bekend zijn met haar kunst blijft het verrassend om telkens weer nieuwe dingen te ontdekken die ze in haar productieve leven schiep: kerkramen, portretten en schilderijen, wandtapijten, beeldhouwwerken, diverse voorwerpen voor de kunstnijverheid… Er is nauwelijks een discipline die Gisèle niet heeft beoefent. Ik weet niet of iemand ooit de moeite genomen heeft om het aantal werken te tellen die uit haar hoofd en handen ontsproten is, maar het moet zonder meer een hoog getal met drie nullen zijn. Hier ligt nog een veld braak voor onderzoek.





































oms beïnvloed je iemands leven
Gisèle wurde 1912 in Den Haag als jüngste Tochter eines bekannten Niederländischen Geologen und der österreichischen Baronesse Josephine Hammer-Purgstall geboren. Sie wuchs in den Vereinigten Staaten auf, als Spielkameradin von Kindern der Ponka Indianer und Internatsschülerin an der East Coast. Später zog die Familie nach Österreich auf das Familienschloss Hainfeld der Hammer-Purgstalls in der Steiermark. Mit achtzehn Jahren brach sie auf, die Kunstwelt von Paris zu erkunden. Mitte der 30er Jahre, durch den Börsenkrach gezwungen, kam sie zurück in die Niederlande, wo sie vom bis heute berühmten Joep Nicolas in der Glasmalerei ausgebildet wurde. Ihre Familie liess sich im nord-holländischen Künstlerdorf Bergen nieder. Gisèle bezog im Januar 1941 als nun selbständige Künstlerin eine Wohnung an der Herengracht 401 in Amsterdam. Nach dem Krieg gelang es ihr, das gesamte Gebäude zu erwerben, wo sie bis heute wohnt.
Während der Besatzungsjahre richtete sie ihre Wohnung als Versteck für jüdische Jugendliche und den deutschen Dichter und Radiojournalisten Wolfgang Frommel ein. Der Freundeskreis, der sich während dieser Zeit und in diesem Versteck bildete blieb auch nach dem Krieg in enger Verbindung und wurde unter dem Namen Castrum Peregrini bekannt, bis heute eine Kulturstiftung, deren Schirmherrin Gisèle ist. Ihr weitverzweigtes Netz von Freunden reicht um die ganze Welt und umfasst illustre Personen wie Adriaan Roland Holst, Aldous Huxley, Marguerite Yourcenar und Max Beckmann. 1959 heiratete sie Arnold J. d’Ailly, legendärer Nachkriegsbürgermeister von Amsterdam. 1992 erhielt sie das Verdienstkreuz der Bundesrepublik Deutschland, 1997 die Yad Vashem Auszeichnung „Righteous Amoung the Nations“ vom Staat Israel. Zuletzt erhielt sie im Jahr 2011 den königlichen Ritterorden von Oranje-Nassau für ihre Rolle als Mäzenatin der Stiftung Castrum Peregrini.
Als Künstlerin erlangte sie Bekanntheit mit ihren bleiverglasten Fenstern, z.B. in der berühmten Beginenhofkirche in Amsterdam, und mit ihren Gobelins und Möbelentwürfen, wie jene des legendären Amerikaliners SS Rotterdam. Ihr bildnerisches Werk war in nationalen und internationalen Ausstellungen zu sehen und ist in privaten wie offiziellen Sammlungen vertreten.





PopUpUniversity is het alternatief voor een neergaande spiraal die door onze huidige regering in gang wordt gebracht en het hoger onderwijs op veel kwetsbare gebieden zal raken. De financiële drempel gaat omhoog, de planning is gericht op de korte termijn en als we niet uitkijken gaat de kwaliteit omlaag. De universiteit zoals wij deze kennen zal zich dus moeten aanpassen, maar hoe?













Deze etage oogt alsof de tijd er heeft stilgestaan, de kleine woning op de 3e etage in het pand van Castrum Peregrini is nog volledig intact zoals die in 1940 door kunstenares Gisèle van Waterschoot van der Gracht (1912) werd ingericht. En waar zij samen met de bevriende dichter Wolfgang Frommel vanaf einde ’42 de onderduik organiseerde voor een aantal joodse scholieren. Een onderduikplek waar kunst & cultuur een waarborg bleef voor een ander venster op de buitenwereld dan destijds werd gedomineerd door de nazi bezetter.

mma zorgt Castrum Peregrini en zoals je gewend bent van ons, staan wij met ons creatief netwerk borg voor kwaliteit, diepgang, humor en een persoonlijke touch, onze kernwaarden waardig: Vrijheid, Vriendschap & Cultuur. Je kunt heel verrassende bijdragen verwachten van o.a. Ed Spanjaard aan de piano en Maarten Koningsberger, bariton met Mahler liederen, Thomas Spijkerman van Circus Treurdier, Vincent Bijlo (muzikale bijdrage) en met speciale vrijheidstoasts van o.a. Hedy d’Ancona, Xandra Schutte, Christa Meindersma.